Midden in de Atlantische Oceaan, op duizenden kilometers van het vasteland, liggen de Azoren: een groep groene vulkaaneilanden die bij Portugal horen maar nergens anders op lijken. Geen palmstranden en strandbars, maar kratermeren, stomende warmwaterbronnen, eindeloze hortensia's en een ruwe natuur die wandelaars en natuurliefhebbers in het hart raakt.
De eilanden onderling
Sao Miguel is het grootste en bekendste eiland, met de spectaculaire dubbele kratermeren van Sete Cidades en het thermale dal van Furnas. Maar het mooiste van eilandhoppen is juist de variatie: Pico met zijn vulkaan en wijngaarden, Faial met zijn vulkanische maanlandschap, Flores met zijn watervallen. Tussen de eilanden vlieg je kort of vaar je met de veerboot.
- Sete Cidades: de blauw-groene kratermeren op Sao Miguel
- Furnas: warmwaterbronnen en stoofpot gegaard in de aarde
- Walvissen: de wateren rond de Azoren horen tot de beste ter wereld
Cozido en warmwaterbronnen
In Furnas wordt de cozido das Furnas, een stoofpot van vlees en groenten, urenlang gegaard in gaten in de hete vulkanische grond. Eet hem na een bad in een van de thermale poelen. Het is precies het soort ervaring waarvoor je naar de Azoren komt: rauw, aards en onvervalst.
Reken op alle seizoenen op een dag
Het weer op de Azoren is grillig en wisselt per uur. Zon, mist en regen volgen elkaar snel op, dus pak lagen en een regenjas. Een huurauto is op elk eiland het handigst. Het is geen zonbestemming maar een natuurbestemming; wie dat begrijpt, valt voor de eilanden.
Eilandhoppen op de Azoren brengt je naar een groene, vulkanische wereld midden in de oceaan, ver van het massatoerisme. Kratermeren, warmwaterbronnen en walvissen wachten, mits je het wisselvallige weer voor lief neemt en je regenjas inpakt.