Mallorca

Mallorca buiten de toeristenzones: wandelen in de Tramuntana

Mallorca buiten de toeristenzones: wandelen in de Tramuntana

Mallorca heeft een imago van strandresorts, sangria-emmers en vol geboekte hotels aan de baai van Palma. Dat eiland bestaat, maar er is een ander Mallorca dat daar haaks op staat: het bergachtige noordwesten, waar de Serra de Tramuntana steil uit zee oprijst en oude stenen dorpen tussen de olijfboomgaarden liggen. Buiten de zomer is dat het Mallorca om te ontdekken.

De Serra de Tramuntana

Het bergmassief dat de noordwestkust beheerst, staat op de Unesco-werelderfgoedlijst om zijn eeuwenoude landbouwterrassen. Door de bergen loopt de GR 221, de Ruta de Pedra en Sec, het droogsteenpad, dat dorp na dorp verbindt over oude muildierpaden. Je hoeft niet de hele route te lopen; ook losse dagetappes zijn schitterend.

  • Deia: kunstenaarsdorp van honingkleurige steen, hoog boven zee
  • Valldemossa: bekend van Chopin, mooist vroeg in de ochtend
  • Sa Calobra: spectaculaire kloof en kronkelweg naar zee

Bergdorpen met karakter

De dorpen in de Tramuntana zijn gebouwd van natuursteen en lijken vastgegroeid aan de hellingen. In Sóller stap je op het oude houten treintje naar Palma; in de haven ernaast eet je verse vis. Het tempo ligt hier laag, en juist daar zit de charme: een glas wijn op een schaduwrijk plein, ver van het strandtoerisme.

Beste tijd en uitrusting

De zomer is te heet om te wandelen; voorjaar en herfst zijn ideaal, met bloeiende amandelbomen of milde zon. Neem wandelschoenen met grip mee, want de stenen paden zijn glad, en genoeg water. Een huurauto opent de afgelegen dorpen, maar de bergwegen zijn smal en bochtig.

Mallorca buiten de toeristenzones is een wandeleiland van bergen, terrassen en stenen dorpen. Wie de Tramuntana opzoekt in het voorjaar, ontdekt een eiland dat niets te maken heeft met de clichés van de zomerbaai.