De Schotse Hooglanden zijn leeg op een manier die je in West-Europa bijna nergens meer vindt. Eindeloze heuvels in tinten bruin en paars, donkere meren in diepe dalen, en wegen waar je minutenlang geen tegenligger ziet. Het regent vaak, de muggen kunnen in de zomer een plaag zijn, maar het landschap maakt alles goed. Met de auto ben je vrij om de leegte op te zoeken.
Links rijden en single track roads
Het wennen begint meteen: in Schotland rijd je links, en in de Hooglanden vaak over single track roads, smalle wegen met één rijbaan en passing places om elkaar te laten passeren. Rijd rustig, gebruik de uitwijkplaatsen ook om snellere auto's te laten voorgaan, en laat schapen op de weg gewoon hun gang gaan.
- Passing places: om te passeren én om je te laten inhalen
- Tank op tijd: pompstations zijn schaars in het noorden
- Glencoe en Glen Coe: het meest dramatische dal, een vaste stop
Lochs, kastelen en whisky
Loch Ness is beroemd, maar talloze andere lochs zijn stiller en minstens zo mooi. Onderweg passeer je kastelen als Eilean Donan, dat op een eilandje in een zeearm ligt. De streek staat bol van de whiskystokerijen; doe een proeverij, maar wijs vooraf een bestuurder aan die nuchter blijft.
Weer en uitrusting
Het weer verandert hier per uur en kent alle seizoenen op een dag. Neem waterdichte kleding en stevige schoenen mee, ook voor korte wandelingen. In de zomermaanden kun je last krijgen van midges, kleine bijtende muggen; een muggenmiddel is dan geen overbodige luxe.
Een roadtrip door de Schotse Hooglanden draait om ruimte, leegte en dramatische natuur. Wen aan links rijden en de smalle wegen, accepteer de regen, en je rijdt door een van de laatste echt wilde hoeken van Europa.