Slovenië is klein, maar propt in dat kleine oppervlak een verbluffende variatie: Alpen, een turkooizen smaragdrivier, kalksteengrotten en een stukje Adriatische kust, allemaal op enkele uren rijden van elkaar. In de lente, als de weiden bloeien en de watervallen vol staan van het smeltwater, is het een van de mooiste en nog altijd betaalbare bestemmingen van Europa.
Het meer van Bled
Het meer van Bled, met zijn eilandkerkje en het kasteel op de rots erboven, is het bekendste plaatje van Slovenië, en terecht. Huur een roeiboot of een traditionele pletna naar het eiland, of loop de wandeling rond het meer, ongeveer zes kilometer vlak langs het water. Wil je het iconische uitzicht van bovenaf, klim dan naar het uitzichtpunt Mala Osojnica.
- Bled: het eilandkerkje en het meer, mooist in de ochtend
- Bohinj: het grotere, stillere bergmeer verderop
- Vintgar-kloof: houten loopbruggen door een smalle bergkloof
De smaragdgroene Soca
De Soča-rivier, in het westen tegen de Italiaanse grens, is van een onwerkelijk turkooizen kleur. De vallei is een paradijs voor wie van natuur en buitensport houdt: wandelen, raften en zwemmen in helder, koud water. De spectaculaire bergweg over de Vršič-pas verbindt de vallei met Bled, maar opent pas als de sneeuw weg is, dus check dat in het voorjaar.
Praktisch
Een huurauto geeft de meeste vrijheid; de afstanden zijn klein maar de bergwegen bochtig. In de lente kan het in de bergen nog fris zijn, met smeltwater dat de rivieren vult; neem lagen en waterdichte schoenen mee. De Sloveense keuken is hartig en betaalbaar, met invloeden uit Italië, Oostenrijk en de Balkan.
Slovenië in de lente is een klein land met een grote variatie: het sprookjesachtige Bled, de turkooizen Soča en groene Alpenvalleien. Neem een auto, plan rond de bergpassen, en ontdek een bestemming die nog niet door de massa is ingenomen.